Gepost op 2016-09-22

Met erkende vluchtelingen op zoek naar een woning: “No work? No money? You go!”

Een woning zoeken en vinden voor erkende vluchtelingen? Het loopt allesbehalve van een leien dakje. En het vreet energie, zo blijkt uit een bezoek aan het OCMW van Waregem. Enkel dankzij een groot engagement van de vluchtelingen zelf, ondersteund door enthousiaste vrijwilligers en medewerkers van het OCMW, het Sociaal Verhuurkantoor (SVK) en het Centrum Algemeen Welzijnswerk (CAW) komt er toch af en toe een woning uit de bus. We legden ons oor te luisteren bij twee Syrische gezinnen, een aantal sociaal werkers en de voorzitter van zowel het OCMW als het sociaal verhuurkantoor met één vraag: Hoe verloopt de zoektocht naar een duurzame woning?

 

De tijd tikt

Wanneer vluchtelingen in België aankomen en een aanvraag doen om erkend te worden, zijn er in afwachting van een beslissing twee mogelijkheden. Ofwel worden ze naar collectieve opvangcentra gestuurd, ofwel worden ze opgevangen in een Lokaal Opvanginitiatief (LOI). Waregem heeft zo’n LOI, dat bestaat uit 11 woningen. Vluchtelingen die naar Waregem worden gestuurd, verblijven steeds in deze LOI-woningen die verspreid liggen over de stad en zijn deelgemeentes.

Eens de vluchtelingen erkend zijn, moeten ze snel duurzame huisvesting zien te vinden. “In principe moeten ze twee maanden na hun erkenning de LOI-woning verlaten. Indien goed gemotiveerd, kan deze periode met een maand worden verlengd. Enkel in echt uitzonderlijke gevallen zou Fedasil een vierde maand kunnen toestaan”, zo vertelt Laurence van Leuvenhaege, sociaal werker in het opvanginitiatief.

In het huurrecht moet een verhuurder minstens 6 maanden op voorhand zijn opzeg geven, zodat de huurder voldoende tijd heeft om iets nieuws te vinden. Maar van erkende vluchtelingen, die nog de taal moeten leren, werk moeten vinden en zien te integreren, verwachten we dat ze al na twee maanden een huurwoning hebben gevonden?

 

De grote zoektocht

Om de slaagkansen voor erkende vluchtelingen op een degelijke woning te verhogen, worden ze bijgestaan door de LOI-medewerkers, hun maatschappelijk werkers en een CAW-medewerker die twee halve dagen per week mee komt zoeken. Telefoontjes worden gepleegd, woningen bezocht, verhuurders aangesproken, immokantoren gecontacteerd, … noem maar op. Evenwel met wisselend succes. “We hebben het voordeel dat we zowel een lokaal opvanginitiatief, een crisisopvangcentrum, doorgangswoningen en een sociaal verhuurkantoor in eigen huis hebben. Tel daar het bovenlokaal samenwerkingsverband ‘Huis Inclusief’ bij en dan mogen we ons gelukkig prijzen dat we daardoor zelf vaak in een oplossing kunnen voorzien. Daardoor moeten we al jaren niemand de straat opsturen”, aldus Van Leuvenhaege.

Erkende vluchtelingen die in kleinere steden belanden, of die uit collectieve opvangcentra komen, kunnen vaak op veel minder ondersteuning rekenen.

Voor een duurzame woonoplossing zijn de erkende vluchtelingen toch vooral aangewezen op het sociaal verhuurkantoor of de private huurmarkt. En daar verloopt de zoektocht met horten en stoten, zo blijkt uit het verhaal van familie Alali.

 

Een droom

In februari dit jaar komt het gezin – moeder, vader en 4 kinderen – aan te België. Ze worden rechtstreeks naar een woning van het Lokaal Opvanginitiatief (LOI) in Waregem gestuurd. De kinderen kunnen meteen naar de buurtschool, waar ze heel goed worden opgevangen. Op 22 juni 2016 worden ze erkend als vluchteling en dus moesten ze op zoek naar een nieuwe woning.

In het begin kregen ze steeds het deksel op de neus. De ene keer was “het gezin te groot”, de andere keer waren er vraagtekens bij “hoe die mensen hier zouden leven”. Telkens kwam het niet tot een overeenkomst. Tot, via een contact met de school en het immokantoor, hen twee weken later een huurwoning werd aangeboden. Een unieke kans. Of in hun eigen woorden: “een droom”. Ze bezochten de woning, kregen een exemplaar van het huurcontract mee van het immokantoor en er werd een mondeling akkoord gesloten. Het OCMW stortte alvast een waarborg en er werd een datum geprikt voor de sleuteloverdracht begin augustus. Alles was in kannen en kruiken.

 

Een droom aan diggelen

Tot het immokantoor een maand later op de afspraken terugkwam. “De eigenaar zou toch eerst nog de woningkwaliteit willen bekijken”, zo werd aan de maatschappelijk werker van de huurders meegedeeld. De sleutels werden niet overhandigd en de huur ging niet door. De waarborg werd zomaar teruggestuurd. Droom aan diggelen.

Het immokantoor gaat hier deontologisch volledig uit de bocht, met de huurders als slachtoffer. Ofwel heeft de makelaar een woning aangeboden van ondermaatse kwaliteit, ofwel hebben ze de huurders aan het lijntje gehouden door verwachtingen te creëren waar ze niet aan konden voldoen, ofwel wil de eigenaar toch niet aan migranten verhuren en gaat het immokantoor mee in deze discriminatie. Hoe dan ook een onverantwoorde houding met dramatische gevolgen.

De opdoffer is natuurlijk dubbel zo hard voor dit gezin. Ondertussen is namelijk hun volledige termijn van 2 maand verstreken. “We gingen er natuurlijk vanuit dat we daar zouden kunnen wonen, dus dan zoek je niet verder. We zijn het OCMW dankbaar dat we toch nog even in de LOI-woning kunnen verblijven, maar beseffen dat het lastig zal zijn om op korte termijn een huurwoning te vinden. We zijn echt heel teleurgesteld”, aldus de moeder van het gezin Alali. “Het is een heel schrijnend verhaal”, stelt Van Leuvenhaege. “Het wordt een lastige opdracht om nog iets te vinden, maar we zullen doen wat we kunnen.”

 

De rol van de makelaar

De teleurstelling bij het gezin zit diep. De ontgoocheling in het immokantoor is enorm. Makelaars blijken wel vaker niet de partners waar kwetsbare kandidaat-huurders op hopen. Laatst bleek nog dat een immokantoor een eigenaar ontraadde om te verhuren aan vluchtelingen. Gelukkig besloot de eigenaar om, tegen het advies in, toch een huurcontract af te sluiten.

Dat er ook makelaars zijn die amper opkijken wanneer vluchtelingen zich willen informeren en ze afsnauwen met de woorden “No work? No money? You go!” doet de moed vanzelf in de schoenen zinken. Maar op papier staat zoiets natuurlijk nooit, dus is er niks gebeurd.

Nochtans, een degelijke makelaar zou de perfecte partner kunnen zijn om ook voor kwetsbare huurders een oplossing te vinden.

 

Goede huurders

Erkende vluchtelingen zijn nochtans geen moeilijker huurpubliek. Voor het betalen van de huur is er vaak geen probleem door de ondersteuning van het OCMW en de motivatie die er is om aan het werk te gaan. Het is wel soms wat wennen aan de manier van wonen. “Soms moeten we wat meer investeren in woonvaardigheden zoals wassen en koken. Ze moeten wat wegwijs gemaakt worden en dat kost wat energie in de opstart. Maar ze vragen vaak zelf hulp, terwijl anderen dat soms niet toelaten”, aldus Akko Deschuytter, medewerker inschrijven en toewijzen bij het Regionaal Sociaal Verhuurkantoor (RSVK).

 

Het sociaal verhuurkantoor

Deschuytter weet waarover ze spreekt. In het RSVK van Waregem blijkt dat er in 2016 tot dusver 127 nieuwe kandidaat-huurders werden ingeschreven, waarvan 10 erkende vluchtelingen die in een LOI, crisisopvang of noodwoning verbleven. Dit jaar waren er vooralsnog 21 toewijzen, waarvan 7 aan erkende vluchtelingen. “Sinds februari merken we dat er steeds meer inschrijvingen van erkende vluchtelingen komen. Ondertussen wordt het wat kalmer omdat ook de instroom van vluchtelingen afneemt”, aldus Deschuytter. Van Leuvenhaege sluit hierbij aan: “Er is nu een bezettingsgraad van 50% in het LOI door de verminderde instroom. Maar dat neemt niet weg dat de uitstroom heel moeilijk verloopt.”

Voor een sociale woning van een sociale huisvestingsmaatschappij komen ze vaak niet in aanmerking. De chronologie van inschrijving is namelijk doorslaggevend en daarvoor zijn ze nog niet lang genoeg in het land. Bij een sociaal verhuurkantoor speelt de woonnood wel een grote rol, waardoor erkende vluchtelingen daar soms een oplossing vinden, al blijft het aanbod beperkt.

Erkende vluchtelingen die willen verhuizen naar een andere plek dan waar ze worden opgevangen, kunnen niet genieten van punten van lokale binding. “Erkende vluchtelingen die in ons werkingsgebied worden opgevangen, krijgen punten voor lokale binding, maar voor erkende vluchtelingen uit verder gelegen steden of uit grootschalige opvangcentra is dat niet het geval”, aldus Deschuytter.

 

Grote gezinnen

Zeker grote gezinnen ondervinden problemen om degelijk en duurzaam te kunnen wonen. Doordat nu ook de gezinsherenigingen sterk toenemen, valt er weinig beterschap te verwachten. “Mannen die hier alleen aankwamen hebben ondertussen hun familie laten overkomen, maar voorlopig wonen ze dus in een veel te kleine woning. Ze staan wel ingeschreven om te verhuizen naar een grotere woning in ons patrimonium, maar er moet ook net iets vrijkomen”, aldus Deschuytter.

Het is een vaststelling die geldt zowel voor de sociale als de private huurmarkt. Er zijn gewoon te weinig woningen voor grote gezinnen. Personen en gezinnen die geen oplossing vinden op de sociale huurmarkt moeten vooral binnen hun eigen, beperkte, netwerk op zoek.

 

Het geluk aan je zijde

Gelukkig is het niet alleen kommer en kwel. Soms zit het ook gewoon mee. De familie Baroudjei vond de perfecte oplossing in hartje Waregem, maar wel “met heel wat geluk”, zo erkennen ze zelf. Het Syrische gezin – moeder, vader en vijf kinderen – kwam aan op 15/10/2015 en werd erkend op 27/06/2016. Het is nog maar de tweede dag dat ze de sleutels van hun nieuwe woning hebben, dus het is nog wat improviseren. Ze zijn nog volop aan het verhuizen uit hun bemeubelde LOI-woning en moeten nu dus zelf hun huisraad voorzien. Dankzij de installatiepremie kunnen ze wat goedkope spullen in de kringloopwinkel halen en ze plannen om eens langs te gaan bij Ikea. Bij een kopje thee in een verder nog bijna lege woning doen ze graag hun verhaal.

vlcuhtelingen“We waren eigenlijk niet op zoek naar iets in Waregem”, vertellen de zonen die het Nederlands al goed machtig zijn. “In de streek van Dendermonde hebben we familie, dus we zochten eerst daar. We namen verschillende keren de trein, zelfs al was dat redelijk duur. De ene keer was de woning veel te klein, de andere keer moesten we van de verhuurder het vorige huurcontract voorleggen, wat we natuurlijk niet konden aangezien we nog nooit gehuurd hebben.”

Via een toevallig contact van de LOI-medewerker, bleek een grote woning in het centrum van Waregem te huur te komen. Ze bezochten de woning en het contract werd getekend. Twee weken later hadden ze de sleutels en konden ze tijdig de tijdelijke LOI-woning verlaten. Ze beseffen maar al te goed dat ze geluk gehad hebben: “We zijn nu heel blij dat we in Waregem kunnen blijven wonen. Zonder de hulp van de mensen van het OCMW hadden we waarschijnlijk nog altijd niets gevonden.”

 

Lokaal Sociaal Beleid

Het mag duidelijk zijn dat het lokaal beleid een belangrijke taak heeft in het integreren van erkende vluchtelingen. Hen toeleiden naar een duurzame woning is daar een essentieel onderdeel van. Joost Kerkhove, schepen van sociale zaken, OCMW-voorzitter en voorzitter van RSVK Waregem dringt aan op meer ondersteuning van bovenaf. “De stad ontvangt wat middelen voor de lokale integratie van vluchtelingen, maar dat is ontoereikend. Het komt daarenboven bij het algemeen budget en wordt niet specifiek voorzien voor huisvesting. Ook de ondersteuning die we momenteel van een CAW-medewerker krijgen wordt teruggeschroefd. We hopen dat die extra tijd en middelen om naar geschikte woningen te zoeken, toch wordt verdergezet.”, aldus Kerkhove.

Niet alleen kijkt de OCMW-voorzitter naar de hogere overheden, maar hij kijkt ook in de richting van zijn collega lokale besturen. “Het stoort me heel erg dat niet alle gemeentes willen meewerken aan de uitbouw van een sociaal verhuurkantoor. Nochtans is het een prachtig systeem waarbij eigenaars hun woning zorgeloos kunnen verhuren en woonbehoeftige personen en gezinnen een oplossing kunnen vinden. Elk SVK moet 150 woningen verhuren tegen 2018, maar dat wordt natuurlijk onhaalbaar als sommige gemeenten geen werking op hun grondgebied willen. Zelfs een stimulans van €2000 per woning, zoals de provincie Oost-Vlaanderen voorziet, brengt hen niet op andere gedachten. Dan moet de minister van Wonen maar dwingen en een verplichting opleggen.”

Ondanks de algehele wooncrisis en het ontbreken van voldoende ondersteuning van bovenaf, slaagt Waregem er toch in om oplossingen te vinden dankzij de inzet en het engagement van de vluchtelingen zelf en hun ondersteuners. “We hebben het geluk dat we kunnen rekenen op zeer gemotiveerde sociaal werkers en dat we vele woondiensten onder hetzelfde dak hebben. De medewerkers doen heel veel inspanningen om oplossingen te vinden, waardoor we in Waregem niemand op straat moeten zetten”, zo besluit Kerkhove.