Op de private huurmarkt betalen veel huurders zich blauw aan woningen en appartementen van slechte kwaliteit. 30% van alle huurders houdt na het betalen van zijn huur te weinig over om menswaardig te leven. Hoe wil uw partij de private huurmarkt kwaliteitsvoller en betaalbaarder maken?

 

CD&V: Momenteel bereikt de huursubsidie haar doelpubliek onvoldoende omdat mensen in een zeer onzekere situatie verkeren. Hun huidige woning moet in (zeer) slechte staat verkeren, en de woning waar ze naartoe verhuizen moet van goede kwaliteit zijn. Deze zaken zijn niet steeds voor de huurder duidelijk, terwijl de huursubsidie wel een cruciale factor kan zijn voor de keuze om al dan niet te verhuizen naar de betere (en wellicht duurdere) woning.
Door de verhuisvoorwaarde af te schaffen, willen we de huidige drempels om een huursubsidie aan te vragen verlagen. Daardoor wordt de huursubsidie een echte betaalbaarheidsondersteuning in plaats van een verhuispremie. We voorzien in onze ramingen hiervoor 90 miljoen euro. Huurprijsstijgingen vangen we op door met referentiehuurprijzen te werken, zoals ook wordt aangeraden in de studie van het Steunpunt Wonen hieromtrent.

 

Groen: Op de private huurmarkt voert Groen op korte termijn het systeem van veralgemeende huurtoelage in. Sociale huurders die recht hebben op een sociale woning maar er door het tekort geen krijgen toegewezen, helpen we op de private huurmarkt met een huurtoelage. Die koppelen we dus aan hun ‘woonbehoefte’ (inkomen en vermogen) en niet aan de woonkwaliteit.
Om de kwaliteit op de huurmarkt te verbeteren, voert Groen een dubbele strategie:
– We verbeteren de bestaande stock. We stellen de Vlaamse renovatiepremie open voor private huurders. Uiteraard doen we dit omkaderd, met waarborgen rond betaalbaarheid en woonzekerheid voor de huurders.
– We nemen grip op de woonmarkt en zitten rond de tafel met ontwikkelaars die bereid zijn om goede, energiezuinige private huurwoningen voor diverse groepen (alleenstaande, jonge gezinnen met kinderen) op te leveren in kernen van steden en gemeenten.

 

N-VA: – De voorbije legislatuur hebben we de minimale kwaliteitsnormen voor woningen opgetrokken. Naast de dakisolatienorm is een verplichting tot dubbele beglazing opgenomen als minimale norm. De energetische maatregelen helpen in elk geval in de strijd tegen energiearmoede en zijn ook positief voor de gezondheid van de bewoners.
– We zetten verdere stappen in de richting van klimaatneutrale woningen en gebouwen. De overheid is een ondersteunende partner bij de renovatie. We informeren de burgers over het nut en de opbrengst van investeringen in renovatie, isolatie, verwarming, energieverbruik en hernieuwbare energie. We voorzien lokaal een uniek woon- en energieloket. Hiermee kunnen we de burger een betere dienstverlening aanbieden, en de kennis bundelen.
– We stellen de renovatiepremies open voor verhuurders. We stimuleren het gebruik van het conformiteitsattest, te beginnen met de oudste huurwoningen.
– Deze regeerperiode is het totale budget voor huursubsidie- en huurpremie meer dan verdubbeld van 36 miljoen euro naar 74 miljoen euro. Het is alvast de bedoeling om nog meer in te zetten op doelgerichte ondersteuning voor huurders op de private huurmarkt.

 

Open VLD: De voorbije jaren konden we vaststellen dat er een wooncrisis aan de gang is in de onderste regionen van de private huurmarkt. Ook  hier speelt het huidige tekort aan private huurwoningen een cruciale rol: het bezorgt de verhuurder immers een afnamegarantie. Zijn pand zal vrijwel altijd verhuurd geraken, ook als de kwaliteit de wensen overlaat. De verhuurder kan zijn eigendom verwaarlozen zonder stimulans om energiebesparende en kwaliteit verhogende investeringen te doen.
Het verder wegwerken van de afnamegarantie door het versterken van de private huurmarkt moet dus centraal staan de volgende legislatuur. Met het nieuwe Vlaams huurdecreet zette Open Vld in om een evenwichtiger kader te creëren waarbij het zowel voor de verhuurder interessant is en blijft om te verhuren als voor de huurder mogelijkheden biedt om betaalbaar, kwaliteitsvol en met woonzekerheid te huren. Door in te zetten op energiebesparende investeringen voor huurwoningen met een beperkte verhuurprijs, bijvoorbeeld via de huur- en isolatiepremie, zorgen we er voor dat huurwoningen energiezuiniger worden. Zo daalt ook de energiefactuur voor de huurders. Daarnaast willen we verder de huursubsidies geleidelijk uitbreiden.

 

SP.A: Om de private huurmarkt betaalbaar te houden, moet de sociale huurmarkt in de eerste plaats worden uitgebreid. Als we het aanbod aan sociale woningen vergroten, verlagen we de druk op de private huurmarkt.  Ten tweede pleiten we voor een verzekering gewaarborgd huren die huurders in staat moet stellen hun huur te blijven betalen als ze ongewild hun inkomen verliezen. En ten derde gaan we voor een systeem van geconventioneerde huur. Dit houdt in dat we op lokaal niveau prijsafspraken maken met verhuurders in ruil voor een aanmoediging, bijvoorbeeld een renovatiepremie. De kwaliteit van private huurwoningen willen we verbeteren door de gefaseerde invoering van een conformiteitsattest voor alle private huurwoningen.

 

PVDA: De beste garantie op een betaalbaar huuraanbod zijn investeringen door de overheid zelf. Dit moet gerealiseerd worden door stedelijke wooncoöperaties.
PVDA pleit voor een plafonnering van de huurprijzen via een Vlaams huurprijzen raster, gebaseerd op het gemiddeld inkomen en kwaliteit, energiezuinigheid, comfort, ligging en aantal kamers, met herziening van de huurwaarborg naar 2 maand.
Dit gekoppeld aan een woonkeuringslabel, net zoals het auto-keuringsbewijs, wat garandeert dat alle verhuurde woningen voldoen aan de kwaliteitseisen van de Vlaamse Wooncode. Ook nemen we geluidskwaliteit en fijn stof mee op in deze kwaliteitseisen.
Speculatieve leegstand wordt streng verbaliseerd en noodwendige milieu- en kwaliteitsrenovaties voor kleine eigenaars worden gedragen door een openbare investeringsbank vanuit de RedGreen Deal.
Private nieuwbouwprojecten op publieke gronden lopen via erfpacht, zodat de kostprijs daalt en steden en gemeenten invloed hebben naar afdwingbare betaalbare woningen.

 

Vlaams Belang: Het Vlaams Belang wil meer wooninspecties en een kordate aanpak van huisjesmelkerij. Er moet ruchtbaarheid gegeven worden aan de minimale kwaliteitsnormen voor woningen. Huurders moeten worden aangemoedigd schendingen te melden. Anderzijds wil het Vlaams Belang het energiezuiniger maken van oudere woningen en vernieuwbouw via gerichte premies stimuleren.

De toegang tot de private huurmarkt is erg moeilijk. Er zijn te weinig kwaliteitsvolle en betaalbare huurwoningen. Tegelijk is er heel wat discriminatie en negatieve selectie. Daarenboven werd de huurwaarborg verhoogd. Hoe wil uw partij de toegang tot de private huurmarkt bevorderen?

CD&V: Om discriminatie tegen te gaan gelooft CD&V dat mystery calls bij makelaars en praktijktesten bij private eigenaars kunnen bijdragen tot een verbetering van de bewijsbaarheid. Verhuurders zijn vrij om de kandidaat te kiezen die zij wensen, maar mogen hierbij geen rekening houden met een aantal kenmerken zoals afkomst of geslacht. Na een klacht kunnen deze testen volgens CD&V ingezet worden met het oog op sanctionering. Indien zij proactief uitgevoerd worden kunnen ze wat ons betreft enkel sensibiliserend gebruikt worden. Met zo’n evenwichtig juridisch kader wordt de bewijsbaarheid van discriminatie verbeterd, maar vermijden we de zogenaamde ‘heksenjacht’ waarbij elke verhuurder automatisch verdacht zou zijn.

 

Groen: Rapporten tonen de discriminatie m.b.t. vermogen en afkomst op de huurmarkt duidelijk aan. Uit de praktijk in Gent blijkt dat een handhavingsbeleid wel degelijk werkt. Groen verdedigt een ketenbenadering. Eerste stap is om met mystery calls en praktijktesten discriminatie bloot te leggen. Komt discriminatie boven water, dan is het zaak om verhuurders  in eerste instantie te sensibiliseren, te informeren en bemiddelend op te treden. Dan neemt discriminatie al af. Bij herhaalde, intentionele en structurele discriminatie waarbij verhuurders de toegang tot de huurmarkt systematisch (blijven) ontzeggen aan een bepaalde groep mensen, is een actiever optreden nodig. Daar ziet Groen een belangrijke rol voor de overheid (het parket) die handhaving ernstig moet nemen.
Om de toegang tot de huurmarkt te waarborgen voor iedereen, ook voor sociaal-economisch zwakkeren, brengt Groen de huurwaarborg die recent verhoogd werd tot drie maanden, terug op twee maanden. Daarnaast wil Groen voor de private huurders een Verzekering Gewaarborgd Huren.

 

N-VA: – De beste manier om toegang te vergroten is door meer dan voldoende aanbod mogelijk te maken.
– Het nieuwe woninghuurdecreet versterkte het evenwicht tussen de rechten en plichten van huurders en verhuurders: meer woonzekerheid voor de huurder en meer betaalzekerheid voor de verhuurder. Op die manier hopen we vraag en aanbod op deze markt te versterken.
– De huurwaarborg bedroeg historisch gezien 3 maanden huur totdat de PS dit in 2007 heeft verlaagd naar 2 maanden, met alle gevolgen voor de verhuurders en voor de aanbodzijde. Wij herstelden dit en riepen parallel de anonieme en renteloze huurwaarborglening in het leven. Dat moet huurders in staat stellen om de last van de drie maanden huurwaarborg + eerste maand huur op te vangen.

 

Open VLD: Heel wat Vlamingen huren of hebben al ooit gehuurd. Sommigen voor een korte periode, anderen voor heel hun leven. Onze woon- en huurmarkt kent vele gezichten. Sommigen vinden er makkelijk hun plek, voor anderen is het een blijvende zoektocht. De eerste uitdaging voor (kandidaat-) huurders is het vinden van een geschikte huurwoning. Door de schaarste van betaalbaar en kwaliteitsvol huuraanbod is de concurrentie ontzettend groot.
Nieuwe woonvormen, zoals hamsterwonen, waarbij je een woning of appartement huurt met de optie om deze later te kopen kunnen het huuraanbod verder versterken en de kloof tussen huren en kopen verkleinen. De reeds betaalde huurgelden worden dan in mindering gebracht van de aankoopprijs.
Discriminatie op basis van afkomst is voor Open Vld onaanvaardbaar. Een doordacht discriminatiebeleid is dan ook noodzakelijk. In eerste instantie moet hierbij rekening gehouden worden met het aanbod. Het huidige tekort aan private huurwoningen zorgt ervoor dat een verhuurder zo goed als zeker is dat zijn pand altijd verhuurd zal worden. Discriminatie of het slecht onderhouden van huurwoningen leidt vandaag dus niet altijd tot economisch verlies. Die afnamegarantie wegwerken via een uitbreiding van het aanbod moet een centrale pijler zijn van een antidiscriminatiebeleid. Het nieuwe Vlaams Huurdecreet moet hiertoe alvast een eerste aanzet geven.
Intussen willen we de toegang tot de private huurmarkt voor iedereen verder bevorderen via sensibilisering, zelfregulering maar vooral door versterkte handhaving. De overheid en de betrokken sectorfederaties kunnen elkaar versterken om discriminatie in de praktijk aan te pakken. Verder kan een toegangsbeleid, waarbij verhuurders positieve redenen worden gegeven om in het selectieproces toch voor een huurder met een zwakker profiel te kiezen, zeker bijdragen.

 

SP.A: We willen dat huurders met of zonder migratieachtergrond een gelijke kans krijgen om een woning te huren, daarom vragen we de invoering van praktijktesten over heel Vlaanderen. We willen dat huurders met weinig spaargeld ook kunnen huren, daarom moet de huurwaarborg terug worden gebracht van 3 naar 2 maanden huur en moet de huurwaarborglening zonder al te veel administratie en binnen de week worden verleend, dat is momenteel niet het geval. We willen ook meer inzetten op woonbegeleiding en zullen de werking van het vernieuwde Fonds ter preventie van uithuiszettingen dan ook grondig opvolgen.

 

PVDA: Om de toegang tot de private huurmarkt te garanderen voor iedereen is er in de eerste plaats een verhoging van het aanbod betaalbare huurwoningen nodig. Hiervoor kunnen we niet rekenen op de private vastgoedmarkt. De overheid moet er zelf in investeren. We willen stedelijke wooncoöperaties opzetten die betaalbare en duurzame woningen bouwen en beheren. De Vlaamse regering moet die ondersteunen met renteloze leningen.
Daarnaast willen we de huurprijzen op de privémarkt plafonneren. De PVDA legde in het Brussels Parlement al een wetsvoorstel voor een huurraster neer, maar dat werd door de meerderheidspartijen steevast afgehouden.
We schroeven de huurwaarborg terug van drie naar twee maand huur. We versoepelen de criteria om aanspraak te kunnen maken op een huurwaarborglening bij het Vlaams Woningfonds.
We binden de strijd aan tegen leegstand. Bij leegstand van langer dan drie jaar nemen stedelijke wooncoöperaties de  woning  voor  negen  jaar  in  eigendom  en  knappen ze op.  Zij  verdienen  de  investering  via  de  verhuur  als  betaalbare/sociale  woning  terug.
De PVDA is voorstander van praktijktesten tegen discriminatie. In Gent hebben die hun waarde al bewezen. We koppelen ook straffen aan de testen voor wie hardnekkig blijft discrimineren. De toegang moet voor iedereen gelijk zijn.

 

Vlaams Belang: Het aanbod van betaalbare en kwalitatieve private huurwoningen moet worden uitgebreid. Het net van sociale verhuurkantoren moet nog beter worden ondersteund via promotie, premies en fiscale voordelen. Deze svk’s verhuren woningen van private eigenaars tegen een betaalbare prijs door aan mensen met een bescheiden inkomen. Dat moet worden aangemoedigd. Anderzijds moeten ook private verhuurders opnieuw worden aangemoedigd (in plaats van nu vaak ontmoedigd) om kwalitatieve woningen te verhuren. Daarom: geen heksenjacht via praktijktesten, maar wel een goede toegang tot energiepremies en een bescherming tegen wanbetaling. Het huurgarantiefonds dat verhuurders beschermt tegen verlies van huurinkomsten moet beter worden gepromoot.

Wij stelden de verschillende politieke partijen 5 vragen over de toekomst van ons woonbeleid. Lees hieronder het antwoord van Vlaams Belang. Klik hier als je ook de antwoorden van CD&V, Groen, N-VA, Open VLD, SP.A en PVDA wil kennen.

 

De toegang tot de private huurmarkt is erg moeilijk. Er zijn te weinig kwaliteitsvolle en betaalbare huurwoningen. Tegelijk is er heel wat discriminatie en negatieve selectie. Daarenboven werd de huurwaarborg verhoogd. Hoe wil uw partij de toegang tot de private huurmarkt bevorderen?

Het aanbod van betaalbare en kwalitatieve private huurwoningen moet worden uitgebreid. Het net van sociale verhuurkantoren moet nog beter worden ondersteund  via promotie, premies en fiscale voordelen. Deze svk’s verhuren woningen van private eigenaars tegen een betaalbare prijs door aan mensen met een bescheiden inkomen. Dat moet worden aangemoedigd. Anderzijds moeten ook private verhuurders opnieuw worden aangemoedigd (in plaats van nu vaak ontmoedigd) om kwalitatieve woningen te verhuren. Daarom: geen heksenjacht via praktijktesten, maar wel een goede toegang tot energiepremies en een bescherming tegen wanbetaling. Het huurgarantiefonds dat verhuurders beschermt tegen verlies van huurinkomsten moet beter worden gepromoot.

 

Op de private huurmarkt betalen veel huurders zich blauw aan woningen en appartementen van slechte kwaliteit. 30% van alle huurders houdt na het betalen van zijn huur te weinig over om menswaardig te leven. Hoe wil uw partij de private huurmarkt kwaliteitsvoller en betaalbaarder maken?

Het Vlaams Belang wil meer wooninspecties en een kordate aanpak van huisjesmelkerij. Er moet ruchtbaarheid gegeven worden aan de minimale kwaliteitsnormen voor woningen. Huurders moeten worden aangemoedigd schendingen te melden. Anderzijds wil het Vlaams Belang het energiezuiniger maken van oudere woningen en vernieuwbouw via gerichte premies stimuleren.

 

Momenteel hebben we in Vlaanderen 155.000 sociale woningen. Dat is 6,5% van het totaal aantal Vlaamse woningen. Er staan ondertussen 135.000 mensen op de wachtlijst. Wil uw partij een ambitieuzere groei van het aandeel sociale woningen?

Natuurlijk moet er fors bijkomend geïnvesteerd worden in extra sociale woningen. Het Vlaams Belang wil echter in de eerste plaats ook dat onze sociale woningen opnieuw toekomen aan de mensen voor wie ze bedoeld zijn: voor onze eigen behoeftigen. Bij toewijzingen moet voorrang gegeven worden aan mensen die over onze nationaliteit beschikken en Nederlands spreken. Enkel vreemdelingen die minstens acht voorbije jaren legaal in ons land hebben verbleven en minstens drie jaar gewerkt hebben, mogen toegang krijgen tot de sociale huisvesting. Er mogen niet langer sociale woningen verhuurd worden aan onderdanen van landen die geen controle op de eigendomsvoorwaarde toelaten. Het kan niet dat sociale woningen worden verhuurd aan allochtonen en vreemdelingen die een woning hebben in hun land van herkomst.

 

Er is algemene consensus onder academici dat de woonbonus niet werkt. Het systeem drijft de prijzen op en verdeelt van arm naar rijker. Is uw partij bereid om de middelen van de woonbonus te heroriënteren naar waar het echt nodig is, namelijk de sociale en private huurmarkt?

Voor het Vlaams Belang is het fundamenteel onrechtvaardig dat de meeste overheidssubsidies inzake wonen via de woonbonus terechtkomen bij woningeigenaars: 84% van alle woonsubsidies vloeit naar eigendomsondersteuning, 14% naar de sociale huisvesting en amper 2% naar de private huurmarkt. Aan dit onevenwicht moet een einde komen. Het Vlaams Belang wil daarom dat woninghuuruitgaven fiscaal aftrekbaar worden gemaakt, net als afbetalingen voor hypothecaire leningen.

 

Wat is volgens uw partij de grootste woonuitdaging voor de volgende regering?

Alle Vlamingen opnieuw recht geven op een betaalbare en kwalitatieve woonst. Dat kan enkel door de immigratiewetgeving te verstrengen en bij de toewijzing van sociale woningen voorrang te geven aan onze eigen mensen. Anders blijven onze sociale voorzieningen als een magneet werken op gelukzoekers uit de hele wereld en is het dweilen met de kraan open.

 

Lees hier ook de antwoorden van CD&V, Groen, N-VA, Open VLD, SP.A en PVDA.

 

Wij stelden de verschillende politieke partijen 5 vragen over de toekomst van ons woonbeleid. Lees hieronder het antwoord van PVDA. Klik hier als je ook de antwoorden van CD&V, Groen, N-VA, Open VLD, SP.A en Vlaams Belang wil kennen.

 

De toegang tot de private huurmarkt is erg moeilijk. Er zijn te weinig kwaliteitsvolle en betaalbare huurwoningen. Tegelijk is er heel wat discriminatie en negatieve selectie. Daarenboven werd de huurwaarborg verhoogd. Hoe wil uw partij de toegang tot de private huurmarkt bevorderen?

Om de toegang tot de private huurmarkt te garanderen voor iedereen is er in de eerste plaats een verhoging van het aanbod betaalbare huurwoningen nodig. Hiervoor kunnen we niet rekenen op de private vastgoedmarkt. De overheid moet er zelf in investeren. We willen stedelijke wooncoöperaties opzetten die betaalbare en duurzame woningen bouwen en beheren. De Vlaamse regering moet die ondersteunen met renteloze leningen.

Daarnaast willen we de huurprijzen op de privémarkt plafonneren (zie vraag 2). De PVDA legde in het Brussels Parlement al een wetsvoorstel voor een huurraster neer, maar dat werd door de meerderheidspartijen steevast afgehouden.

We schroeven de huurwaarborg terug van drie naar twee maand huur. We versoepelen de criteria om aanspraak te kunnen maken op een huurwaarborglening bij het Vlaams Woningfonds.

We binden de strijd aan tegen leegstand. Bij leegstand van langer dan drie jaar nemen stedelijke wooncoöperaties de  woning  voor  negen  jaar  in  eigendom  en  knappen ze op.  Zij  verdienen  de  investering  via  de  verhuur  als  betaalbare/sociale  woning  terug.
De PVDA is voorstander van praktijktesten tegen discriminatie. In Gent hebben die hun waarde al bewezen. We koppelen ook straffen aan de testen voor wie hardnekkig blijft discrimineren. De toegang moet voor iedereen gelijk zijn.

 

Op de private huurmarkt betalen veel huurders zich blauw aan woningen en appartementen van slechte kwaliteit. 30% van alle huurders houdt na het betalen van zijn huur te weinig over om menswaardig te leven. Hoe wil uw partij de private huurmarkt kwaliteitsvoller en betaalbaarder maken?

De beste garantie op een betaalbaar huuraanbod zijn investeringen door de overheid zelf. Dit moet gerealiseerd worden door stedelijke wooncoöperaties (zie vraag 1).

PVDA pleit voor een plafonnering van de huurprijzen via een Vlaams huurprijzen raster, gebaseerd op het gemiddeld inkomen en kwaliteit, energiezuinigheid, comfort, ligging en aantal kamers, met herziening van de huurwaarborg naar 2 maand.
Dit gekoppeld aan een woonkeuringslabel, net zoals het auto-keuringsbewijs, wat garandeert dat alle verhuurde woningen voldoen aan de kwaliteitseisen van de Vlaamse Wooncode. Ook nemen we geluidskwaliteit en fijn stof mee op in deze kwaliteitseisen.

Speculatieve leegstand wordt streng verbaliseerd en noodwendige milieu- en kwaliteitsrenovaties voor kleine eigenaars worden gedragen door een openbare investeringsbank vanuit de RedGreen Deal.

Private nieuwbouwprojecten op publieke gronden lopen via erfpacht, zodat de kostprijs daalt en steden en gemeenten invloed hebben naar afdwingbare betaalbare woningen.

 

Momenteel hebben we in Vlaanderen 155.000 sociale woningen. Dat is 6,5 % van het totaal Vlaamse woningen Er staan ondertussen 135.000 mensen op de wachtlijst. Wil uw partij een ambitieuzere groei van het aandeel sociale woningen ?

Het Vlaamse gewest moet volop investeren in de bouw en de renovatie van sociale woningen. Er moet een masterplan komen zodat we tegen 2030 al een ruimer aanbod hebben. We geven de grote centrumsteden prioriteit. Daar is de vraag het grootst. Op elf jaar tijd gaan we naar 20% sociale huisvesting in elke centrumstad . Dat is ambitieus, maar haalbaar. Voor de andere gemeenten leggen we de lat op 10% sociale woningen.

Daarvoor rekenen we ook op de projectontwikkelaars. In elk nieuw vastgoedproject waar minstens 17 woningen worden gebouwd, moet een derde uit sociale woningen bestaan. De nodige renovaties en de woningen energie duurzaam maken tegen 2030, kunnen gefinancierd worden via een publieke Toekomstbank en uitgevoerd worden door de stedelijke wooncoöperaties. We stoppen met de verkoop van publieke gronden en eigendommen. Via voorkooprecht en erfpacht verwerven we meer controle op de gronden. Uit Europees onderzoek blijkt dat iedere investering in publieke huisvesting op 2,3 jaar terugverdiend is en de beste dam tegen armoede is. Waarop wachten we?

 

Er is algemene consensus onder academici dat de woonbonus niet werkt. Het systeem drijft de prijzen op en verdeelt van arm naar rijker. Is uw partij bereid om de middelen van de woonbonus te heroriënteren naar waar het echt nodig is, namelijk de sociale en private huurmarkt?

Wij pleiten inderdaad voor de herziening van de woonbonus. 84% van de woonsubsidies gaat naar de eigenaars tegenover een 14% naar sociale huisvesting en slechts een 2% naar de private huurmarkt. Zo’n scheeftrekking bestaat in geen enkel ander land in Europa. Bovendien profiteren de hoogste inkomens het meeste van de woonbonus, terwijl de 10 % rijkste Belgen samen al twee derde van alle woningen, bouwgronden, studentenkoten, handelspanden en kantoorgebouwen bezitten.

Wij willen de middelen van de woonbonus herverdelen naar de 60% laagste inkomens. De vrijgekomen middelen investeren we in publieke huisvesting en een ambitieus renovatiebeleid.

 

Wat is volgens uw partij de grootste woonuitdaging voor de volgende regering?

De grootste uitdaging is om in het woonbeleid de omslag te maken van de afhankelijkheid van een vastgoedmarkt die soms veel weg lijkt te hebben van de Far West naar een garantie van het recht op wonen.

De volgende regering moet daarom afstappen van het huidige model, dat volledig geënt is op de private markt. En zelf een actiever speler worden. Om het aantal sociale woningen fors op te trekken, om betaalbaar wonen te garanderen, om de kwaliteit van woningen te verzekeren en de prijzen te plafonneren.

 

Lees hier ook de antwoorden van CD&V, Groen, N-VA, Open VLD, SP.A en Vlaams Belang.

 

Wij stelden de verschillende politieke partijen 5 vragen over de toekomst van ons woonbeleid. Lees hieronder het antwoord van SP.A. Klik hier als je ook de antwoorden van CD&V, Groen, N-VA, Open VLD, PVDA en Vlaams Belang wil kennen.

 

De toegang tot de private huurmarkt is erg moeilijk. Er zijn te weinig kwaliteitsvolle en betaalbare huurwoningen. Tegelijk is er heel wat discriminatie en negatieve selectie. Daarenboven werd de huurwaarborg verhoogd. Hoe wil uw partij de toegang tot de private huurmarkt bevorderen?

We willen dat huurders met of zonder migratieachtergrond een gelijke kans krijgen om een woning te huren, daarom vragen we de invoering van praktijktesten over heel Vlaanderen. We willen dat huurders met weinig spaargeld ook kunnen huren, daarom moet de huurwaarborg terug worden gebracht van 3 naar 2 maanden huur en moet de huurwaarborglening zonder al te veel administratie en binnen de week worden verleend, dat is momenteel niet het geval. We willen ook meer inzetten op woonbegeleiding en zullen de werking van het vernieuwde Fonds ter preventie van uithuiszettingen dan ook grondig opvolgen.

 

Op de private huurmarkt betalen veel huurders zich blauw aan woningen en appartementen van slechte kwaliteit. 30% van alle huurders houdt na het betalen van zijn huur te weinig over om menswaardig te leven. Hoe wil uw partij de private huurmarkt kwaliteitsvoller en betaalbaarder maken?

Om de private huurmarkt betaalbaar te houden, moet de sociale huurmarkt in de eerste plaats worden uitgebreid. Als we het aanbod aan sociale woningen vergroten, verlagen we de druk op de private huurmarkt.  Ten tweede pleiten we voor een verzekering gewaarborgd huren die huurders in staat moet stellen hun huur te blijven betalen als ze ongewild hun inkomen verliezen. En ten derde gaan we voor een systeem van geconventioneerde huur. Dit houdt in dat we op lokaal niveau prijsafspraken maken met verhuurders in ruil voor een aanmoediging, bijvoorbeeld een renovatiepremie. De kwaliteit van private huurwoningen willen we verbeteren door de gefaseerde invoering van een conformiteitsattest voor alle private huurwoningen.

 

Momenteel hebben we in Vlaanderen 155.000 sociale woningen. Dat is 6,5% van het totaal aantal Vlaamse woningen. Er staan ondertussen 135.000 mensen op de wachtlijst. Wil uw partij een ambitieuzere groei van het aandeel sociale woningen?

Jazeker, op dat vlak hebben we een heldere doelstelling: 100.000 extra sociale woningen op vijftien jaar tijd. Zo brengen we het aantal sociale woningen naar 10% van de totale Vlaamse woonmarkt. Dit is de enige manier om de jaarlijkse prijsstijgingen op de private huurmarkt een halt toe te roepen en voor iedere huurder een betaalbare en kwaliteitsvolle woning te voorzien. Op basis van woningbehoefte is er momenteel een nood aan 110.000 sociale woningen. We moeten een nieuw Bindend Sociaal Objectief opstellen en deze inspanning verdelen over de verschillende steden en gemeenten, waarbij we ook kijken naar de behoeften qua ruimte voor de verschillende huurders op de wachtlijst. Wij pleiten ervoor om deze bouw volgens de huidige procedures van sociale woningbouw door te voeren en niet via SVK-pro constructies waarbij de overheid geen eigenaar is van de woningen. Wij willen een structurele oplossing, geen cadeaus aan projectontwikkelaars.

 

Er is algemene consensus onder academici dat de woonbonus niet werkt. Het systeem drijft de prijzen op en verdeelt van arm naar rijker. Is uw partij bereid om de middelen van de woonbonus te heroriënteren naar waar het echt nodig is, namelijk de sociale en private huurmarkt?

Wij zijn akkoord met de stelling dat de woonbonus moet verdwijnen, daarom stellen wij voor om de woonbonus te schrappen voor alle nieuwe contracten. Dit fiscaal voordeel vervangen we door een kostenverlaging bij aankoop van de woning door de registratierechten te schrappen voor de enige en eigen woning. Die registratierechten vormen 10% van de aankoopprijs en hiervoor kan je geen lening krijgen bij de bank. Pas na minstens 20 jaar recupereer je die kost met de woonbonus. Wij willen dat ook mensen met weinig spaargeld een woning kunnen aankopen, met de gelijktijdige schrapping van de woonbonus houden we deze maatregel budgetneutraal. Onze investeringen in de sociale en private huurmarkt zullen dus slechts in zeer beperkte mate via de schrapping van de woonbonus kunnen worden gefinancierd.

 

Wat is volgens uw partij de grootste woonuitdaging voor de volgende regering?

Een halt toeroepen aan de stijgende prijzen op de private huurmarkt. Ongeveer 30% van de Vlamingen bevindt zich op de huurmarkt en deze is vandaag totaal ontspoord. De sociale huurmarkt is veel te klein, getuige daarvan de hoge wachtlijsten. De private huurmarkt is mede daardoor veel te duur, de vraag overtreft het aanbod, getuige daarvan de jaarlijkse prijsstijgingen en het feit dat meer dan de helft van de huurders meer dan één derde van hun inkomen aan huur uitgeeft. Die huurmarkt weer op de rails krijgen, is de grootste woonuitdaging voor de volgende regering.

 

Lees hier ook de antwoorden van CD&V, Groen, N-VA, Open VLD, PVDA en Vlaams Belang.

 

Wij stelden de verschillende politieke partijen 5 vragen over de toekomst van ons woonbeleid. Lees hieronder het antwoord van Open VLD. Klik hier als je ook de antwoorden van CD&V, Groen, N-VA, SP.A, PVDA en Vlaams Belang wil kennen.

 

De toegang tot de private huurmarkt is erg moeilijk. Er zijn te weinig kwaliteitsvolle en betaalbare huurwoningen. Tegelijk is er heel wat discriminatie en negatieve selectie. Daarenboven werd de huurwaarborg verhoogd. Hoe wil uw partij de toegang tot de private huurmarkt bevorderen?

Heel wat Vlamingen huren of hebben al ooit gehuurd. Sommigen voor een korte periode, anderen voor heel hun leven. Onze woon- en huurmarkt kent vele gezichten. Sommigen vinden er makkelijk hun plek, voor anderen is het een blijvende zoektocht. De eerste uitdaging voor (kandidaat-) huurders is het vinden van een geschikte huurwoning. Door de schaarste van betaalbaar en kwaliteitsvol huuraanbod is de concurrentie ontzettend groot.

Nieuwe woonvormen, zoals hamsterwonen, waarbij je een woning of appartement huurt met de optie om deze later te kopen kunnen het huuraanbod verder versterken en de kloof tussen huren en kopen verkleinen. De reeds betaalde huurgelden worden dan in mindering gebracht van de aankoopprijs.

Discriminatie op basis van afkomst is voor Open Vld onaanvaardbaar. Een doordacht discriminatiebeleid is dan ook noodzakelijk. In eerste instantie moet hierbij rekening gehouden worden met het aanbod. Het huidige tekort aan private huurwoningen zorgt ervoor dat een verhuurder zo goed als zeker is dat zijn pand altijd verhuurd zal worden. Discriminatie of het slecht onderhouden van huurwoningen leidt vandaag dus niet altijd tot economisch verlies. Die afnamegarantie wegwerken via een uitbreiding van het aanbod moet een centrale pijler zijn van een antidiscriminatiebeleid. Het nieuwe Vlaams Huurdecreet moet hiertoe alvast een eerste aanzet geven.

Intussen willen we de toegang tot de private huurmarkt voor iedereen verder bevorderen via sensibilisering, zelfregulering maar vooral door versterkte handhaving. De overheid en de betrokken sectorfederaties kunnen elkaar versterken om discriminatie in de praktijk aan te pakken. Verder kan een toegangsbeleid, waarbij verhuurders positieve redenen worden gegeven om in het selectieproces toch voor een huurder met een zwakker profiel te kiezen, zeker bijdragen.

 

Op de private huurmarkt betalen veel huurders zich blauw aan woningen en appartementen van slechte kwaliteit. 30% van alle huurders houdt na het betalen van zijn huur te weinig over om menswaardig te leven. Hoe wil uw partij de private huurmarkt kwaliteitsvoller en betaalbaarder maken?

De voorbije jaren konden we vaststellen dat er een wooncrisis aan de gang is in de onderste regionen van de private huurmarkt. Ook  hier speelt het huidige tekort aan private huurwoningen een cruciale rol: het bezorgt de verhuurder immers een afnamegarantie. Zijn pand zal vrijwel altijd verhuurd geraken, ook als de kwaliteit de wensen overlaat. De verhuurder kan zijn eigendom verwaarlozen zonder stimulans om energiebesparende en kwaliteit verhogende investeringen te doen.

Het verder wegwerken van de afnamegarantie door het versterken van de private huurmarkt moet dus centraal staan de volgende legislatuur. Met het nieuwe Vlaams huurdecreet zette Open Vld in om een evenwichtiger kader te creëren waarbij het zowel voor de verhuurder interessant is en blijft om te verhuren als voor de huurder mogelijkheden biedt om betaalbaar, kwaliteitsvol en met woonzekerheid te huren. Door in te zetten op energiebesparende investeringen voor huurwoningen met een beperkte verhuurprijs, bijvoorbeeld via de huur- en isolatiepremie, zorgen we er voor dat huurwoningen energiezuiniger worden. Zo daalt ook de energiefactuur voor de huurders. Daarnaast willen we verder de huursubsidies geleidelijk uitbreiden.

 

Momenteel hebben we in Vlaanderen 155.000 sociale woningen. Dat is 6,5% van het totaal aantal Vlaamse woningen. Er staan ondertussen 135.000 mensen op de wachtlijst. Wil uw partij een ambitieuzere groei van het aandeel sociale woningen?

De budgetten van sociale woningbouw gaan jaar na jaar omhoog. De bouw van sociale woningen is echter zeer inefficiënt en op termijn onbetaalbaar. Per jaar kunnen we slechts 4% van de wachtlijst echt aan een woning helpen. Veel middelen hiervan gaan naar structuren en beheer. Volgens Open Vld kunnen we efficiënter omspringen met onze centen om mensen in nood te helpen. Open Vld stelt dan ook voor om de wachtlijsten voor sociale woningen aan te pakken door sociale huurders te laten doorstromen naar de private huurmarkt. Die huurmarkt moet weliswaar terug meer zuurstof krijgen en huursubsidies moeten mensen helpen om hier een woning te vinden.

De huurmarkt kan via sociale verhuurkantoren en immokantoren actiever ingeschakeld worden in de zoektocht naar een betaalbare woning voor sociale huurders. Wat de sociale woningmarkt betreft willen we focussen op mensen met de hoogste noden. Vermits die noden vaak tijdelijk zijn (omdat niet iedereen – gelukkig – een leven lang zorgbehoevend blijft), bepleiten we een efficiënter gebruik van het sociaal woonpatrimonium en een betere doorstroming van de sociale naar de private huur- of koopmarkt. Op die manier kunnen we de meer dan 100.000 gezinnen op de wachtlijst sneller en doelgerichter helpen.

 

Er is algemene consensus onder academici dat de woonbonus niet werkt. Het systeem drijft de prijzen op en verdeelt van arm naar rijker. Is uw partij bereid om de middelen van de woonbonus te heroriënteren naar waar het echt nodig is, namelijk de sociale en private huurmarkt?

Meer dan driekwart van de Vlamingen is eigenaar van zijn of haar woning. Dat is een vrij unieke situatie die bijdraagt tot onze welvaart, niet in het minst voor gepensioneerden voor wie een eigen huis kan beschouwd worden als de ‘vierde pensioenpijler’.
In de vorige legislatuur hervormden we de woonbonus en de registratierechten. Het algemene tarief van de registratierechten daalde van 10% naar 7%. Voor woningen tot 200.000 euro is er een vrijstelling op de eerste schijf van 80.000 euro, wat een extra korting van 5.600 euro betekent. Wanneer je ingrijpende energetische renovaties doet aan je nieuwe woning, daalt het algemeen tarief van 7% tot 6%. Op deze manier stimuleren we mensen om duurzame keuzes te maken. We willen het verwerven van een eigen woning blijven aanmoedigen, het huidige budget van de woonbonus moet daarom blijven dienen om mensen te ondersteunen bij de aankoop van een huis of appartement. Initiatieven voor de bevordering van de sociale en private huurmarkt moeten met andere middelen worden gefinancierd.

 

Wat is volgens uw partij de grootste woonuitdaging voor de volgende regering?

In 2050 zullen er 1 miljoen Vlamingen meer zijn dan vandaag. Het aantal personen per gezin zal verder dalen, het aantal alleenstaande ouders en kinderloze singles stijgen (+/- 500.000 huishoudens). Dat vereist een woonbeleid dat rekening houdt met deze veelheid aan samenlevingsvormen. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat we beide uitdagingen het hoofd kunnen bieden zonder de toegang tot de woningmarkt moeilijker te maken voor de burgers.
Open Vld wil flexibel, eigentijds en kwalitatief wonen voor iedereen. Dit maken we mogelijk via:
– Moderne woonvormen (meegroeien, co-housing, opdelen van bestaande gezinswoningen, modulair bouwen) moet op een administratief eenvoudige manier mogelijk gemaakt worden.
– Stimuleren van private huurmarkt en versterking private verhuurders in sociale huursector (SVK pro-decreet)
– Herbekijk financieringsmodel sociale huisvestingsmaatschappijen. Bouw van sociale woningen is zeer inefficiënt en op termijn onbetaalbaar.
– Geconventioneerd huren volwaardig invoeren voor private huurders. Dit is het systeem waarbij men vrijwillig over een langere periode een lagere huurprijs aanvaardt en verhuurt aan mensen die net te veel verdienen om in aanmerking te komen voor een sociale woning. In ruil hiervoor krijgen deze verhuurders een financiële tegemoetkoming van de Vlaamse Overheid.

 

Lees hier ook de antwoorden van CD&V, Groen, N-VA, SP.A, PVDA en Vlaams Belang.

 

Wij stelden de verschillende politieke partijen 5 vragen over de toekomst van ons woonbeleid. Lees hieronder het antwoord van N-VA. Klik hier als je ook de antwoorden van CD&V, GroenOpen VLD, SP.A, PVDA en Vlaams Belang wil kennen.

 

De toegang tot de private huurmarkt is erg moeilijk. Er zijn te weinig kwaliteitsvolle en betaalbare huurwoningen. Tegelijk is er heel wat discriminatie en negatieve selectie. Daarenboven werd de huurwaarborg verhoogd. Hoe wil uw partij de toegang tot de private huurmarkt bevorderen?

– De beste manier om toegang te vergroten is door meer dan voldoende aanbod mogelijk te maken.
– Het nieuwe woninghuurdecreet versterkte het evenwicht tussen de rechten en plichten van huurders en verhuurders: meer woonzekerheid voor de huurder en meer betaalzekerheid voor de verhuurder. Op die manier hopen we vraag en aanbod op deze markt te versterken.
– De huurwaarborg bedroeg historisch gezien 3 maanden huur totdat de PS dit in 2007 heeft verlaagd naar 2 maanden, met alle gevolgen voor de verhuurders en voor de aanbodzijde. Wij herstelden dit en riepen parallel de anonieme en renteloze huurwaarborglening in het leven. Dat moet huurders in staat stellen om de last van de drie maanden huurwaarborg + eerste maand huur op te vangen.

 

Op de private huurmarkt betalen veel huurders zich blauw aan woningen en appartementen van slechte kwaliteit. 30% van alle huurders houdt na het betalen van zijn huur te weinig over om menswaardig te leven. Hoe wil uw partij de private huurmarkt kwaliteitsvoller en betaalbaarder maken?

– De voorbije legislatuur hebben we de minimale kwaliteitsnormen voor woningen opgetrokken. Naast de dakisolatienorm is een verplichting tot dubbele beglazing opgenomen als minimale norm. De energetische maatregelen helpen in elk geval in de strijd tegen energiearmoede en zijn ook positief voor de gezondheid van de bewoners.
– We zetten verdere stappen in de richting van klimaatneutrale woningen en gebouwen. De overheid is een ondersteunende partner bij de renovatie. We informeren de burgers over het nut en de opbrengst van investeringen in renovatie, isolatie, verwarming, energieverbruik en hernieuwbare energie. We voorzien lokaal een uniek woon- en energieloket. Hiermee kunnen we de burger een betere dienstverlening aanbieden, en de kennis bundelen.
– We stellen de renovatiepremies open voor verhuurders. We stimuleren het gebruik van het conformiteitsattest, te beginnen met de oudste huurwoningen.
– Deze regeerperiode is het totale budget voor huursubsidie- en huurpremie meer dan verdubbeld van 36 miljoen euro naar 74 miljoen euro. Het is alvast de bedoeling om nog meer in te zetten op doelgerichte ondersteuning voor huurders op de private huurmarkt.

 

Momenteel hebben we in Vlaanderen 155.000 sociale woningen. Dat is 6,5% van het totaal aantal Vlaamse woningen. Er staan ondertussen 135.000 mensen op de wachtlijst. Wil uw partij een ambitieuzere groei van het aandeel sociale woningen?

– N-VA investeerde bijna 4 miljard euro (recordbedrag!) in renovatie en nieuwbouw van sociale woningen en verdubbelde het huursubsidies en -premiebudget.
– Historische achterstand in renovaties van sociale woningen verder wegwerken en investeren in sociale huurwoningen en bescheiden huurwoningen voor starters op de huurmarkt.
–  Bijkomende SVK-woningen. SVK-patrimonium groeit met 10% per jaar. We lanceerden het “SVK-PRO”-proefproject om private ontwikkelaars te stimuleren tot investeren in sociale huurwoningen.
–  Eén transparant financieringssysteem voor alle vormen van sociale huisvesting: dezelfde tegemoetkoming voor vergelijkbare situaties.
–  Domiciliefraude en overtreding van eigendomseisen strenger opsporen en bestraffen. We maken meer gebruik van middelentoets. We staan voor duidelijk rechten- en plichtenverhaal.
–  Bundelen van lokale woonactoren als “woonmaatschappijen” die via één loket alle woondiensten aanbieden.
–  Eén Vlaamse wachtlijst voor sociale woningen en één Vlaams aanmeldings- en toewijzingssysteem voor alle ondersteuningsvormen. Lokale binding blijft voorrangscriterium.
– Woonbegeleiding voor sociale huurders.

 

Er is algemene consensus onder academici dat de woonbonus niet werkt. Het systeem drijft de prijzen op en verdeelt van arm naar rijker. Is uw partij bereid om de middelen van de woonbonus te heroriënteren naar waar het echt nodig is, namelijk de sociale en private huurmarkt?

– We denken dat de woonbonus niet het ideale middel is om eigendomsverwerving te ondersteunen. We hebben de woonbonus onder deze regering dan ook al hervormd.
– De woonbonus is echter maar één van de fiscale regimes die van toepassing zijn in de woonfiscaliteit. Eigenaars betalen zelf ook heel wat belastingen door middel van onroerende voorheffing, btw, registratiebelasting, … Het wordt hier te eenzijdig voorgesteld. In een land waar de belastingdruk al hoog is, moeten we voorzichtig zijn met dergelijke fiscale ingrepen.
– We moeten eerder kijken naar een hervorming van de hele woonfiscaliteit en niet zozeer enkel naar de woonbonus.
– Wat betreft de private en sociale huurmarkt, blijven we investeren in nieuwbouw en renovatie van sociale huurwoningen, willen we SVK’s blijven aanmoedigen om bijkomende woningen in beheer te nemen en willen we nog meer middelen inzetten voor huursubsidies en huurpremie.

 

Wat is volgens uw partij de grootste woonuitdaging voor de volgende regering?

Inzetten op voldoende kwalitatieve en betaalbare woningen volgens de modernere huisvestingsconcepten in een slimme verdichting en de private huurmarkt te versterken door in eerste instantie nog meer in te zetten op sociale huisvesting.

 

Lees hier ook de antwoorden van CD&V, GroenOpen VLD, SP.A, PVDA en Vlaams Belang.

 

Wij stelden de verschillende politieke partijen 5 vragen over de toekomst van ons woonbeleid. Lees hieronder het antwoord van Groen. Klik hier als je ook de antwoorden van CD&V, N-VA, Open VLD, SP.A, PVDA en Vlaams Belang wil kennen.

 

De toegang tot de private huurmarkt is erg moeilijk. Er zijn te weinig kwaliteitsvolle en betaalbare huurwoningen. Tegelijk is er heel wat discriminatie en negatieve selectie. Daarenboven werd de huurwaarborg verhoogd. Hoe wil uw partij de toegang tot de private huurmarkt bevorderen?

Rapporten tonen de discriminatie m.b.t. vermogen en afkomst op de huurmarkt duidelijk aan. Uit de praktijk in Gent blijkt dat een handhavingsbeleid wel degelijk werkt. Groen verdedigt een ketenbenadering. Eerste stap is om met mystery calls en praktijktesten discriminatie bloot te leggen. Komt discriminatie boven water, dan is het zaak om verhuurders  in eerste instantie te sensibiliseren, te informeren en bemiddelend op te treden. Dan neemt discriminatie al af. Bij herhaalde, intentionele en structurele discriminatie waarbij verhuurders de toegang tot de huurmarkt systematisch (blijven) ontzeggen aan een bepaalde groep mensen, is een actiever optreden nodig. Daar ziet Groen een belangrijke rol voor de overheid (het parket) die handhaving ernstig moet nemen.

Om de toegang tot de huurmarkt te waarborgen voor iedereen, ook voor sociaal-economisch zwakkeren, brengt Groen de huurwaarborg die recent verhoogd werd tot drie maanden, terug op twee maanden. Daarnaast wil Groen voor de private huurders een Verzekering Gewaarborgd Huren.

 

Op de private huurmarkt betalen veel huurders zich blauw aan woningen en appartementen van slechte kwaliteit. 30% van alle huurders houdt na het betalen van zijn huur te weinig over om menswaardig te leven. Hoe wil uw partij de private huurmarkt kwaliteitsvoller en betaalbaarder maken?

Op de private huurmarkt voert Groen op korte termijn het systeem van veralgemeende huurtoelage in. Sociale huurders die recht hebben op een sociale woning maar er door het tekort geen krijgen toegewezen, helpen we op de private huurmarkt met een huurtoelage. Die koppelen we dus aan hun ‘woonbehoefte’ (inkomen en vermogen) en niet aan de woonkwaliteit.

Om de kwaliteit op de huurmarkt te verbeteren, voert Groen een dubbele strategie:
– We verbeteren de bestaande stock. We stellen de Vlaamse renovatiepremie open voor private huurders. Uiteraard doen we dit omkaderd, met waarborgen rond betaalbaarheid en woonzekerheid voor de huurders.
– We nemen grip op de woonmarkt en zitten rond de tafel met ontwikkelaars die bereid zijn om goede, energiezuinige private huurwoningen voor diverse groepen (alleenstaande, jonge gezinnen met kinderen) op te leveren in kernen van steden en gemeenten.

 

Momenteel hebben we in Vlaanderen 155.000 sociale woningen. Dat is 6,5% van het totaal aantal Vlaamse woningen. Er staan ondertussen 135.000 mensen op de wachtlijst. Wil uw partij een ambitieuzere groei van het aandeel sociale woningen?

Ja, voor Groen speelt sociale huisvesting een belangrijke rol in het oplossen van de wooncrisis. Groen wil dan ook dat het aandeel sociale woningen blijft groeien. Omdat de vraag naar sociale woningen vele malen groter is dan het aanbod, bouwen we bijkomend aanbod daar waar de sociale woonnood het hoogst is. Concreet willen we dus vooral een toename van het aanbod boven het wettelijk voorziene minimum van 9% in die steden en gemeenten met de langste wachtlijsten.  Deze nieuwe sociale woonprojecten komen in compacte woonkernen, waar ze de motor worden van stads- en wijkvernieuwing.

Om de kwaliteit en de energieprestaties van de bestaande stock gevoelig te verbeteren, komen er extra middelen voor renovatie. De uitverkoop van sociaal patrimonium willen we uitdrukkelijk niet. Ontbreekt het een Sociale Huisvestingsmaatschappij aan middelen, dan verkoopt deze uitsluitend aan coöperatieven die de woningen renoveren en verhuren aan sociale huurders (zoals in het model van Collectief Goed).

 

Er is algemene consensus onder academici dat de woonbonus niet werkt. Het systeem drijft de prijzen op en verdeelt van arm naar rijker. Is uw partij bereid om de middelen van de woonbonus te heroriënteren naar waar het echt nodig is, namelijk de sociale en private huurmarkt?

De woonbonus is inderdaad een voorbeeld van slecht woonbeleid. Bovendien behoort het tot een woonmodel waarbij eenzijdig werd ingezet op eigendom. In dat model werden andere woonvormen, zoals huren, stiefmoederlijk behandeld. Groen wil evenwicht brengen in ons woonmodel waarbij huren en kopen evenwaardige keuzes worden. We willen dus een evenwaardige private huurmarkt zodat meer mensen die dat willen, voluit kunnen kiezen voor de voordelen van huren. Dat vereist een gezonde private huurmarkt met voldoende, voldoende divers en betaalbaar aanbod van energiezuinige en moderne private huurwoningen die bovendien ook goed gelegen zijn. Voor mensen die op eigen kracht geen woning kunnen kopen of huren, zet Groen in op een ruime sociale huurmarkt.

Groen voorziet sowieso een strategie en bijhorende financiering van een sterkere private en sociale huurmarkt (zie eerdere voorstellen). Op de koopmarkt doeken we de woonbonus op en verlagen we de  registratierechten gevoelig door de eerste schijf van 175.000 euro vrij te stellen. bovendien herstellen we de progressiviteit van de registratierechten. Zo helpen we vooral jonge kopers en kopers met minder middelen.

 

Wat is volgens uw partij de grootste woonuitdaging voor de volgende regering?

De wooncrisis sleept intussen al langer dan een decennium aan. Cijfers tonen steeds meer een beeld van een hardnekkige wooncrisis waar maar geen verbetering in lijkt te komen. Wonen maakt in Vlaanderen arm en ziek. Dat tij keren is de grootste uitdaging voor de volgende regering. Groen heeft daarvoor de meest overtuigende voorstellen in huis zoals een versterking van de sociale en de private huurmarkt, een eigendomsneutrale fiscaliteit en een kernversterkend aanbodbeleid.

 

Lees hier ook de antwoorden van CD&V, N-VA, Open VLD, SP.A, PVDA en Vlaams Belang.

 

Wij stelden de verschillende politieke partijen 5 vragen over de toekomst van ons woonbeleid. Lees hieronder het antwoord van CD&V. Klik hier als je ook de antwoorden van Groen, N-VA, Open VLD, SP.A, PVDA en Vlaams Belang wil kennen.

 

De toegang tot de private huurmarkt is erg moeilijk. Er zijn te weinig kwaliteitsvolle en betaalbare huurwoningen. Tegelijk is er heel wat discriminatie en negatieve selectie. Daarenboven werd de huurwaarborg verhoogd. Hoe wil uw partij de toegang tot de private huurmarkt bevorderen?

Om discriminatie tegen te gaan gelooft CD&V dat mystery calls bij makelaars en praktijktesten bij private eigenaars kunnen bijdragen tot een verbetering van de bewijsbaarheid. Verhuurders zijn vrij om de kandidaat te kiezen die zij wensen, maar mogen hierbij geen rekening houden met een aantal kenmerken zoals afkomst of geslacht. Na een klacht kunnen deze testen volgens CD&V ingezet worden met het oog op sanctionering. Indien zij proactief uitgevoerd worden kunnen ze wat ons betreft enkel sensibiliserend gebruikt worden. Met zo’n evenwichtig juridisch kader wordt de bewijsbaarheid van discriminatie verbeterd, maar vermijden we de zogenaamde ‘heksenjacht’ waarbij elke verhuurder automatisch verdacht zou zijn.

 

Op de private huurmarkt betalen veel huurders zich blauw aan woningen en appartementen van slechte kwaliteit. 30% van alle huurders houdt na het betalen van zijn huur te weinig over om menswaardig te leven. Hoe wil uw partij de private huurmarkt kwaliteitsvoller en betaalbaarder maken?

Momenteel bereikt de huursubsidie haar doelpubliek onvoldoende omdat mensen in een zeer onzekere situatie verkeren. Hun huidige woning moet in (zeer) slechte staat verkeren, en de woning waar ze naartoe verhuizen moet van goede kwaliteit zijn. Deze zaken zijn niet steeds voor de huurder duidelijk, terwijl de huursubsidie wel een cruciale factor kan zijn voor de keuze om al dan niet te verhuizen naar de betere (en wellicht duurdere) woning.

Door de verhuisvoorwaarde af te schaffen, willen we de huidige drempels om een huursubsidie aan te vragen verlagen. Daardoor wordt de huursubsidie een echte betaalbaarheidsondersteuning in plaats van een verhuispremie. We voorzien in onze ramingen hiervoor 90 miljoen euro. Huurprijsstijgingen vangen we op door met referentiehuurprijzen te werken, zoals ook wordt aangeraden in de studie van het Steunpunt Wonen hieromtrent.

 

Momenteel hebben we in Vlaanderen 155.000 sociale woningen. Dat is 6,5% van het totaal aantal Vlaamse woningen. Er staan ondertussen 135.000 mensen op de wachtlijst. Wil uw partij een ambitieuzere groei van het aandeel sociale woningen?

CD&V wilt inderdaad een uitbreiding van het sociaal  woonpatrimonium. Om dat te realiseren, zullen we wel de financiering van sociale huisvesting moeten verbeteren. Op dit moment volstaan de huurinkomsten – zeker bij nieuwe projecten – niet om de leninglasten te dragen. Dit hypothekeert op termijn de mogelijkheden om bijkomende projecten te realiseren. CD&V is daarom altijd voorstander geweest van een sociale huisvesting die breder is dan louter armenhuisvesting. We zien daarentegen dat het aantal tewerkgestelden in de sociale huisvesting ook in de woonsurvey van 2018 weer gedaald is. CD&V wilt dit tegengaan en ervoor zorgen dat ook binnen de sociale huisvesting sterkere schouders zijn die het systeem evenwichtig maken. Met betrekking tot de planning is CD&V voorstander van een opvolger voor het bindend sociaal objectief, die zorgt voor een goede spreiding van de sociale woningen in Vlaanderen.

 

Er is algemene consensus onder academici dat de woonbonus niet werkt. Het systeem drijft de prijzen op en verdeelt van arm naar rijker. Is uw partij bereid om de middelen van de woonbonus te heroriënteren naar waar het echt nodig is, namelijk de sociale en private huurmarkt?

CD&V wilt de woonbonus hervormen tot een klimaatbonus.  Met een budget van 1,6 miljard is de vergroening van de woonbonus het ideale middel om het renovatieritme op te drijven. Dit wil zeggen dat de ondersteuning voor eigendomsverweving voortaan gunstiger zal zijn voor woningen die energiezuinig zijn of binnen een termijn van vijf jaar na transactie energiezuinig zijn gemaakt.

Dat betekent echter niet dat we de sociale en private huurmarkt achter laten. We voorzien immers een uitbreiding van de huursubsidie en maken een nieuw investeringsplan op om na het huidige bindend sociaal objectief een nieuw ambitieus programma op te zetten.

 

Wat is volgens uw partij de grootste woonuitdaging voor de volgende regering?

Recent luidde de VVH aan de alarmbel met betrekking tot de financiering van de sociale huisvesting. De huurinkomsten volstaan niet om de leninglasten te dragen, waardoor SHM’s aan hun reserves moeten knabbelen of patrimonium verkopen. Een herziening van het financieringsmechanisme dringt zich dan ook op.

Volgens CD&V is dit een kans om een aantal zaken recht te zetten in de sociale huisvestingssector. Zo blijven we het bizar vinden dat de zwakste doelgroep terecht komt in de woningen van sociale verhuurkantoren, waar zij zelfs met een huursubsidie nog steeds hogere huurprijzen betalen. Dit terwijl een woning van een SVK volgens een recente studie van het steunpunt wonen meer kost aan de overheid dan een van een SHM.

We merken bovendien dat naast de 135.000 mensen die al op de wachtlijst staan, er nog eens minstens evenveel mensen het moeilijk hebben op de private huurmarkt. Door SHM’s meer toe te laten een bescheiden woonaanbod te realiseren, wordt het interessanter om nieuwe projecten te realiseren doordat de financiële haalbaarheid verbeterd wordt.

 

Lees hier ook de antwoorden van Groen, N-VA, Open VLD, SP.A, PVDA en Vlaams Belang.

Wie in energiearmoede leeft, besteedt een veel groter deel van zijn budget aan energie dan andere gezinnen, beperkt zijn of haar verbruik noodgedwongen om de rekening te kunnen betalen of vreest de woning niet voldoende te kunnen verwarmen. De Barometer Energiearmoede volgt jaarlijks op hoe groot deze groep is.

Hoewel de weersomstandigheden de voorbije winters relatief gunstig waren, blijft het aantal Belgische gezinnen dat in energiearmoede leeft vrij stabiel. In totaal werd in 2017 21,7 procent van de gezinnen potentieel getroffen door minstens één van de drie vormen van energiearmoede (21,2% in 2016).

 

Drie vormen van energiearmoede

Bij 14 procent van de gezinnen (14,5% in 2016) werd in 2017 energiearmoede gemeten. Dit betekent dat hun energiefactuur 11,8 procent of meer van hun beschikbaar inkomen (na aftrek van de woonkosten) opslokt. De gemeten energiearmoede is merkelijk groter in Wallonië.
Daarnaast is er bij 4,5 procent van de gezinnen verborgen energiearmoede. Zij beknibbelen zo hard op hun verbruik (o.a. minder verwarmen) om de rekening terug te dringen, dat ze minder dan de helft verbruiken dan wat even grote gezinnen in vergelijkbare woningen verbruiken.
En tot slot is er de subjectieve energiearmoede. 6,2 procent van de gezinnen verklaart onvoldoende financiële middelen te hebben om de woning te verwarmen. Dit is een opvallende stijging tegenover de 4,9 procent uit 2016. Deze stijging situeert zich voornamelijk bij private huurders.

 

Stijgende energieprijzen, huisvesting en risicogroepen

De stijging van de energieprijzen is daar niet vreemd aan. Nadat ze in 2016 waren gezakt, namen de prijzen voor gas en stookolie vanaf de tweede helft van 2017 opnieuw toe. Vooral in Vlaanderen steeg ook de elektriciteitsfactuur.
De dualisering op de woningmarkt wordt scherper, met een risico op energiearmoede dat hoger ligt bij huurders en in het bijzonder bij sociale huurders. Het risico op energiearmoede bij huurders ligt twee tot driemaal hoger dan bij eigenaars, en het verschil wordt steeds groter.
Ook oudere alleenstaanden vrouwen en eenoudergezinnen worden vaker getroffen door energiearmoede.
Het is niet eenvoudig te achterhalen of een slechte gezondheid aanleiding geeft tot energiearmoede, of omgekeerd. Wel is duidelijk dat de groepen die met energiearmoede kampen, veel meer aangeven met gezondheidsproblemen te sukkelen.

 

De barometer presenteert de gegevens per gewest en analyseert de tendensen. Meer informatie kan je hier terugvinden.